De TU Delft en de HHS Delft gaven samen een workshop over aansluiting, uitval en flexibel onderwijs. Centraal stonden de ervaringen van Leonie Kleijn. Zij is inmiddels derdejaars studente Werktuigbouwkunde aan de Haagse Hogeschool, maar het duurde na de middelbare school even voor ze de juiste richting vond. Ondanks een goede voorbereiding met uitgebreide voorlichting, viel Werktuigbouwkunde aan de TU Delft haar tegen. Na enkele weken stopte ze, op advies van haar studiebegeleider. Daarna twijfelde ze een tijd over haar eerdere voorkeur Diergeneeskunde, en koos uiteindelijk toch nóg eens voor Werktuigbouwkunde, maar dan aan de Haagse Hogeschool. ‘Na het VWO was het HBO eigenlijk helemaal niet bij me opgekomen.’
HBO onderbelicht
‘Er is maar weinig aandacht voor het HBO bij de studievoorlichting op het VWO,’ denkt Jesse op den Brouw, docent aan de Haagse Hogeschool en deelnemer aan de workshop. Charlotte Fuchs, afdelingsleider van 5 en 6 VWO op het Vrijzinnig-Christelijk Lyceum Den Haag, is het daar niet helemaal mee eens. ‘We besteden wel degelijk aandacht aan het HBO, maar ouders spelen een grote rol bij het kiezen van een studie. Zij hebben vaak geen idee van alle studies die er zijn, ook op het HBO, en kiezen nogal snel voor de universiteit.’
‘Ouders denken namelijk vaak dat je met een universitaire studie uiteindelijk op een heel andere plaats terecht komt dan met een studie aan de hogeschool, maar in de praktijk is dat lang niet altijd zo,’ zegt Alexander Plat, PAL voor Inwijs.
Niveauverschil
Anke Ouwehand van het Visser ’t Hooft Lyceum in Leiden ziet wel meer misgaan. ‘Opleidingen sluiten niet altijd goed aan op de middelbare school. Veel leerlingen die bij ons vertrekken met keurige cijfers voor hun Centraal Schriftelijk Examen hebben het erg lastig op de universiteit. Dat klopt niet helemaal.’
Workshopleider Renee Prins van de Haagse Hogeschool knikt. ‘Ook op de hogeschool hebben veel eerstejaars studenten het lastig. Na het eerste jaar valt maar liefst veertig procent uit.’ Volgens workshopleider Sylvia Walsarie-Wolff van de TU Delft besteedt de TU al extra aandacht aan de cultuurshock die eerstejaars studenten beleven. ‘In het eerste semester is extra tijd ingeroosterd voor begeleiding, om te voorkomen dat studenten te veel in het diepe gegooid worden. Wel klagen sommige studenten over de ‘verschoolsing’ van de opleiding, maar het blijkt echt nodig te zijn.’
Goed terecht gekomen
Leonie Kleijn denkt na afloop van de groepsdiscussie inderdaad dat ze zich tijdens haar studiekeuze te veel richtte op de universiteit. Ook het niveauverschil tussen de middelbare school en de universiteit bleek groot te zijn. ‘Veel van mijn studiegenoten op de universiteit hadden het in het eerste semester zwaar. Met hen is het uiteindelijk goed gekomen. Als mijn studiebegeleider me wat meer had gemotiveerd was ik misschien ook wel gebleven.’ Ze vindt de manier waarop haar eerste studiejaar verlopen is nog altijd jammer. ‘Maar het HBO bevalt me ook wel en ik geloof dat ik hiermee uiteindelijk ook goed terecht zal komen.’
De workshopleiders schreven intussen concluderend de termen ‘beroepsbeeld’, ‘talent ontdekken’, ‘drijfveren’ en ‘ouders’ op het whiteboard.
